Het kabinet Rutte-Verhagen heeft aangekondigd 200 miljoen euro op de culturele sector te willen bezuinigen. Dit is een korting van ruim 20% op het Rijksbudget voor cultuur, terwijl gemiddeld genomen 8% op de totale Rijksbegroting wordt bezuinigd. Daarnaast wil het kabinet de BTW op entreekaartjes verhogen van 6% naar 19%, en moet het Muziekcentrum van de Omroep haar deuren sluiten. De bezuinigingen op kunst en cultuur die dit kabinet wil doorvoeren zijn buitenproportioneel en zullen onherstelbare schade aanrichten aan de culturele infrastructuur van Nederland. De professionele podiumkunsten, de podia, de amateursector, de festivals, de symfonieorkesten, binnenschoolse en buitenschoolse cultuureducatie – op al deze fronten zullen de gevolgen desastreus zijn.
16 oktober 2010
Theater
Reageren uitgeschakeld
Veronika is 24 jaar. Haar haar jeugd is voorbij en in haar leven is iedere dag hetzelfde. Ze werkt op de 13e verdieping waar ze typt en de telefoon opneemt. Iedere dag weer neemt ze de telefoon op en ze typt. Verder leven zal haar niets nieuws meer brengen. De dood is voor haar de ultieme bevrijding. Als het publiek de zaal binnenkomt is ze bezig te laatste pillen naar binnen te werken die haar verlossing moeten brengen. Ze raakt in coma en wordt wakker in een psychiatrisch ziekenhuis. In haar hoofd draait alles nog nog als de behandelend psychiater ontmoet. Een arrogante man met een bekrompen beeld van de problemen van mensen, en bezeten van de gedachte dat hij beschadigde mensen kan en moet repareren. Na een onaangenaame anamnese vertelt hij haar dat de medicijnen die ze genomen heeft haar hart onherstelbaar hebben beschadigd. Ze heeft nog maar zeven dagen te leven, die ze moet doorbrengen in de kliniek. Ze ontmoet er de schizofrene Eduard die een verassend heldere kijk op zichzelf en de wereld heeft. Het is Eduard die haar hart opent en ook het besef dat ze niet dood wilde maar een ander leven. Maar nu is het te laat. En nu moet ze sterven, in een omgeving waar gek normaal lijkt te zijn.
De voorstelling Onderhuids gaat over identiteit, of liever over hoe je je met je eigen identiteit omgaat in een wereld waarin we voortdurend rollen spelen. Want rollen spelen we allemaal en voortdurend. Je trekt een net pak aan en je wordt opeens zakenman, je trekt een trainingspak aan, en je wordt sportief. In het theater kun je nog verder gaan: Je zet een pet of een pruik op, en je bent iemand anders. Een ander stemmetje, andere schoenen, een aanplaksnor, er is maar weinig nodig om in een andere rol te kruipen. Dat is precies van de Fantasten doen in de voorstelling Onderhuids. In een een hoog tempo trekken Marle Brouwer, Noemi Perez, Jorinde Kuiper en Eva van Manen andere rollen aan. Ook de manier waarop ze met elkaar omgaan verandert daardoor voortdurend. Ook zit de voorstelling vol verwijzingen naar wie de spelers zelf zijn, zoals in de zin “Tonight, we speak English, because Noemi is Spanish” die een aantal keren voorbij komt.
4 oktober 2010
Theater
Reageren uitgeschakeld
J.J. Voskuijl heeft in zijn leven vele duizenden pagina’s aan fictie geschreven, waaronder de zevendelige romancyclus Het Bureau, die alleen al meer dan 5000 pagina’s telt. Hij heeft echter maar één enkel toneelstuk geschreven, waarschijnlijk in de jaren 80. Het is vorig jaar gepubliceerd in een Voskuijl themanummer van het tijdschrift Tirade. Het toneelstuk is een wrange klucht die een een paar dagen laat zien uit het leven van een Amsterdams intellectueel echtpaar, Karel en Klaartje Wortelboer. Els Ingeborg Smit speelt een geweldige hoofdrol als de echtgenote die iedere opmerking van haar partner weet te gebruiken als basis voor een nieuw verbaal offensief. Alles wat haar man, gespeeld door Kees Hulst, zegt of doet weet ze om te buigen naar een nieuwe tegenaanval. De bom barst bijna als er een oude vriend van de man op bezoek komt met zijn veel jongere en dommere echtgenote. De man vermaakt zich vermaakt prima met het bezoek, maar de vrouw ergert zich wezenloos.
In zijn Roman ‘Die Eurokokke‘ uit 1927 laat de Duits-Franse schrijver Yvan Goll een Parijs zien waarin de naderende ondergang van Europa overal te zien, te horen en te voelen is. Het is een donkere roman over een man die in de krant leest dat hij de moordenaar moet zijn waarover in de kranten geschreven wordt. Een man die ook lijdt aan een mysterieuze bacterie, ‘de eurokok’ die alles van binnuit uitholt, mensen, gebouwen, steden, landen, een heel continent. Het taalgebruik is sterk beeldend, met wonderlijke associaties. Het is ook een roman vol geluiden. Van de klokken die zes uur slaan, tot de machine van de maan, waarvan een schroef is losgeraakt. Dit is het verhaal dat Hans Dagelet en Jan van Eerd vertellen in hun voorstelling ‘Stervend Europa’.
30 september 2010
Theater
Reageren uitgeschakeld
Kris Defoort en Dirk Bloothooft komen op met het zaallicht nog aan. Het is geen grootse theatrale opkomst, maar eerder voorzichtig en aarzelend. Ze zijn onopvallend gekleed in grijstinten. Maar het zijn wel rollen die ze spelen: de pianist en de acteur. De pianist is zijn bladmuziek vergeten en moet weer naar de kleedkamer om die te zoeken. Intussen bereidt de acteur zich voor met een ritueel. Het colbertje wordt uittrokken en zorgvuldig op een stoel gehangen. Hij pakt zijn leesbril en maakt die schoon. Hij controleert of de pen die heeft meegenomen om aantekeningen te maken het ook inderdaad doet. Tenslotte schenkt hij voor zichzelf een glas water in. De pianist komt weer op met zijn bladmuziek, en begint met zijn eigen ritueel. De twee mannen communiceren met elkaar met blikken en gebaren. Als alle rituelen zijn afgerond omhelzen ze elkaar. Maar het beeld blijft van twee kunstenaars die aarzelend en zoekend een voorstelling maken. Het is dan ook geen voorstelling die strak volgens draaiboek en bladmuziek loopt. Wat vast ligt zijn de teksten van Joseph Brodsky. In de manier waarop de teksten gebracht worden nemen pianist en acteur veel vrijheid.
Edgar Allen Poe publiceerde William Wilson in 1839. Het is een beklemmend kort verhaal over een man die gedurende zijn hele leven voortdurend zijn dubbelganger tegenkomt. Een dubbelganger die nota bene op de zelfde dag is geboren (19 januari, ook de geboortedag van Poe zelf). William Wilson wordt aangetrokken door het kwaad. Hij lijkt ertoe voorbestemd om slecht te worden. De omgeving waarin hij opgroeit, met een tirannieke kostschooldirecteur en martelende klasgenoten, maakt het afglijden alleen maar makkelijker. Zijn dubbelganger die als een schaduw voortdurend achter hem aan lijkt te lopen, wil hem beschermen. Maar William wil niet beschermd worden en doet alles wat hij kan om van zijn schaduw af te komen. Als je als theatermaker zo’n verhaal op het toneel wilt brengen, loop je tegen een aantal problemen aan. Je wilt een zichtbare vorm vinden die aansluit bij de beklemmende sfeer van de tekst van Poe, maar je wilt ook een vorm vinden de ontmoetingen van de hoofdpersoon met zijn eigen dubbelganger. Herman Egbers, die de voorstelling bedacht, schreef en ook speelt, is daar heel goed in geslaagd.
Vanmorgen werd ik wakker met een idee in mijn hoofd: laat ik eens van de rechte weg afwijken en mezelf een dag uitlenen. Iedereen die denkt me ergens voor te kunnen gebruiken, kan me daarvoor vragen. Ik heb maar drie voorwaarden: ik moet het leuk vinden, het mag me zelf geen geld kosten en ik moet erover kunnen schrijven. Nu vind ik erg veel leuk, dus aan die eerste voorwaarde is makkelijk te voldoen, denk ik. En een treinkaartje en een broodje kaas heeft iedereen toch wel over voor een gratis Ad, zou je denken. Toch? Tenslotte: hoe kan iets leuk zijn als je het geheim moet houden?

Into the woods (1986) is een van de meest bekende musicals van Stephen Sondheim. De oorspronkelijke Broadway versie kreeg lovende kritieken en werd bekroond met verschillende Tony Awards, onder andere voor “Beste libretto”, “Beste originele muziek” en “Beste vrouwelijke hoofdrol in een musical”. Toch is de musical nauwelijks in Nederland te zien geweest. En dat in een land dat zich de afgelopen jaren tot een echt musicalland heeft ontwikkeld. Pas in 2007 bracht Koen van Dijk’s M-Lab de eerste professionele zaalproductie, en werd destijds alleen in het kleine M-Lab theater gespeeld. Het is deze productie die in 2010 (met kleine aanpassingen en een iets andere bezetting) gaat reizen langs de Nederlandse theaters.
Het zit Sarah niet mee. Ze is actrice, maar staat al jaren werkloos aan de kant. De hoop op het komische duo dat ze wilde beginnen is vervlogen. De dood zelf heeft haar verteld dat ze de horizon nooit zal bereiken. Omdat er brood op de plank moet komen, gaat ze werken bij een het postbussenloket van een kopieerbedrijf. Daar leert ze haar baas Achmed en collega Nisa kennen. Het deze kleurrijke collega’s die haar met hun eigen ervaringen helpen een weg te vinden langs liefde, dood, loslaten en verdergaan. En die haar zichzelf leren kennen.