Hebzucht
Het lijkt zo’n onschuldige menselijke afwijking: willen hebben wat een ander ook heeft. Maar mijn ouders wilden daar niets van weten. Bij hun werkte het juist de andere kant uit. Als een ander wat nieuws kocht, zouden zij datzelfde juist niet kopen. Ik heb hun zo vaak ervan proberen ervan te overtuigen dat dat misschien wel net zo erg was als wel kopen wat een ander had, maar dat is me nooit gelukt. Begrijp me niet verkeerd, hoor: ik had hartstikke lieve ouders, maar intussen bepaalde hun houding wel een groot deel van mijn jeugd. Toen iedereen al lang en breed een auto voor de deur had staan, reed mijn vader nog steeds op een Puch. Uiteindelijk kochten ze een Dafje. Tot in de eindexamenklas van de middelbare school ben ik telefonisch onbereikbaar geweest. De inrichting van ons huis liep consequent enkele decennia achter. Maar het ergste vond ik als kind wel dat we pas zo laat TV kregen. Een zwart-wit TV nog wel, terwijl de rest van de wereld al lang naar verlopen kleuren zat te kijken.
Toch heb ik het nooit van me af kunnen zetten. Ik betrap me er iedere keer weer op dat ik niet wil wat anderen ook willen, ook al wil ik het eigenlijk wel. Zo heb ik mezelf steeds ervan kunnen weerhouden een IPod te kopen, hoewel ik het stiekem toch wel erg geweldige hebbedingetjes vond. Maar soms lukt het gewoon niet, hoe hard ik ook mijn best doe. En dus ligt er nu een prachtige witte IPhone voor me. Ik heb echt het gevoel dat ik er hard voor heb moeten ploeteren dit juweeltje eindelijk te kunnen kopen…
En nu word ik gestraft voor mijn hebzucht. Ik moet nu eerst ergens windows gaan installeren omdat itunes (verplichte kost voor IPhone bezitters) niet onder Linux draait. Is er een wredere straf denkbaar? Of is het misschien een teken dat ik moet overstappen naar Apple?


